Home Positief Opvoeden Die keer dat ik mijn glas omstootte
Glas op tafel gevallen

Die keer dat ik mijn glas omstootte

bij Mildred

Het is een lange dag geweest. De dag begon al niet super toen ik een bord liet vallen, en de rest van de dag verliep ook stroef. Een aanvaring met een collega, gemopper van de kinderen en overal kleine ongelukjes. Maar het is avond: nog even eten, en dan zit de dag erop. En net als ik ga zitten… stoot ik mijn volle glas met water om. 

Mijn man

Ik stoot tegen mijn glas aan, en na even wankelen valt hij met een klap op tafel. Ik zie hoe het water razendsnel zich verspreidt, onder de borden, langs het bestek. Het sijpelt van de tafel af op mijn broek, de stoelen, de grond. Alles is binnen een seconde doorweekt.

Op het moment dat het gebeurt, hou ik mijn adem in. En daarna start er een stortvloed van scheldwoorden in mijn hoofd. Van “zie je wel, je kan ook helemaal niks vandaag” tot “wie heeft dat glas daar dan ook neergezet!”. Maar bovenal ben ik boos op mezelf, omdat ik zo’n trek heb en ik wil eten, en nu is alles nat.

Van frustratie kan ik wel huilen, en ik bijt op mijn lip om niet zo kinderachtig te reageren. Dan kijk ik op naar mijn man, en wil opstaan om een doekje te gaan pakken. Maar zijn reactie voorkomt dat.

“Serieus, gooi je nu dat glas water om? Kan je ook niet één keer normaal uit je ogen kijken als je wat doet?! Ik zeg elke dag wel drie keer tegen je dat je op moet letten als je gaat zitten”, briest hij. Ik wil opstaan om een doekje te pakken en het op te ruimen, maar hij wordt alleen maar bozer. “Blijf zitten jij, nu! Je kan ook helemaal niks!” En zuchtend en steunend pakt hij een doek en begint op te ruimen.

In mijn hopeloosheid probeer ik te helpen en ik dep met mijn mouw waar ik bij kan. Dat is kennelijk niet de bedoeling, want mijn man wordt kwader. “Zie nou wat je doet! Zo loopt er nog meer water op de grond en je kleren zijn nat. Je luistert nooit naar me.”

Ik weet níét hoe ik het heb en van pure ellende barst ik in tranen uit. Hete tranen springen uit mijn ogen en alle verdriet en frustratie van die dag stromen eruit. Hulpeloos kijk ik naar mijn man, hopend op een knuffel en een ‘sorry schat, het kan gebeuren, alles komt goed’.

Maar tot mijn verbazing barst hij nu pas goed los. “Niet huilen jij”, roept hij. “Hou op met dat gejank. Ik sta hier alles schoon te maken en jij zit daar te huilen. Hou op, anders ga je maar naar boven om te huilen. Ik hoef je niet te zien als je zo huilt. Jìj gooide dat glas om, oke?”

Nu schreeuwt zelfs hij nog tegen me! Mijn maag balt samen en ik voel de pijn gewoon in mijn buik. Krampachtig probeer ik de snikken tegen te houden bij het zien van zijn kwade gezicht. Een kruising tussen hikken en kreunen ontsnapt uit mijn mond.

“Dit is genoeg”, sist mijn man. “Naar boven, naar je kamer. Denk maar eens goed na over wat je fout doet, en je mag weer naar beneden komen als je rustig bent. Zo hoef ik je niet te zien.” Ik sta perplex. Ik heb geen idee wat me overkomt, maar voor ik het weet trekt hij me aan één arm van de stoel af en duwt me naar de trap. “Wegwezen, nu, naar boven!”

En daar sta ik. Vernederd, beschaamd, en zo ontzettend verdrietig. Ik loop huilend de trap op en hoor beneden mijn man mopperen terwijl hij verder opruimt. Daarna gaan ze samen eten, en ik zit alleen boven. Ik weet me geen raad met mijn gevoelens, en probeer mijn snikken te dempen in het kussen. Ik wil ook eten, ik wil ook naar beneden. En ik wilde ook heus zelf mijn water opruimen.

Mijn kind

Vond je dit een bizar scenario? Heb je gedacht ‘als haar man zo reageert, wordt het tijd maar eens bij hem weg te gaan?’. Vond je zijn reactie overdreven en grof?

Toch is het vaak een reactie die we uit frustratie laten zien als ons kind voor de derde keer die dag een fout maakt.

We reageren geïrriteerd, willen niet dat ons kind helpt met het probleem oplossen, en beginnen soms zelfs te schreeuwen als ze vervolgens alsnog proberen te helpen.

En na een lange dag geduld opbrengen voor ons huilende kind kan nog lastiger zijn.

Terwijl een glas water dat omvalt hooguit vervelend is. En inderdaad, soms kan iets kleins de druppel zijn die ervoor zorgt dat alle frustratie van zo’n dag eruit komt. Maar het is nooit terecht dat we die over ons kind uitstorten.

Het beste is goed genoeg

Onze kinderen doen hun best. Ze doen zo ontzettend hun best.

Ze doen hun best om het goede te doen. Ze willen ons te vriend houden. Natuurlijk willen ze dat, wij zijn hun hele wereld!

En soms gaat het mis. Een zwaai met een arm dat een glas van tafel gooit, een verkeerd gemikte bal. En vaak willen ze het probleem dan ook graag nog oplossen, waardoor het probleem in onze ogen alleen maar groter wordt.

Geef je kind genade. Iedereen leert, en iedereen maakt fouten. Hoe bizar bovenstaand stuk ook was, toch is dit vaak de realiteit voor een kind. Hij maakt een foutje, hij krijgt een uitbrander, mag niet helpen met het oplossen. Als hij vervolgens uit ellende in tranen uitbarst, sturen we hem ook nog weg ‘niet huilen, jij hebt het zelf omgegooid!’.

Kinderen maken niet opzettelijk een fout. Ze gooien niet moedwillig een glas om na een lange dag, puur uit slechtheid. Kinderen zijn enthousiast, liefdevol, en ze willen dolgraag helpen en meedenken.

En hun beste gedrag, dat zou voor ons goed genoeg moeten zijn. Dan kunnen we ze vergeven als het misgaat, en een extra knuffel geven als ze zich slecht voelen over zichzelf.

Dat verdienen ze. Dat verdienen wij.

Ps: mijn man reageert nooit zo op mij – en ook niet op onze kinderen. Gelukkig maar.

Dit vind je misschien ook interessant

Laat een reactie achter